| | |

Minister wil Winkeltijdenwet ongewijzigd houden: gemeenten beslissen over koopzondag

De Winkeltijdenwet blijft zoals die is. Minister Heleen Herbert van Economische Zaken en Klimaat neemt de aanbeveling over om vast te houden aan het huidige stelsel, waarin gemeenten zelf ruimte kunnen geven voor openstelling op zon- en feestdagen. Een landelijke wijziging zou volgens haar weinig toevoegen en alle 342 gemeenten verplichten hun lokale regels opnieuw te bekijken.

De evaluatie van Ipsos I&O en Sweco laat zien hoe sterk de praktijk in tien jaar is veranderd. In 80% van de gemeenten is inmiddels ruime openstelling op zondag mogelijk. Volgens de minister staat nog maar 1% van de gemeenten zondagopening helemaal niet toe. Gemeenten maken daarbij hun eigen afweging, waarin onder meer de belangen van winkeliers, inwoners, lokale economie, toerisme en zondagsrust meewegen.

Het evaluatierapport leverde vijf toekomstscenario’s op m.b.t. de Winkeltijdenwet:

De volgende vijf (op voorhand) voor de hand liggende toekomstscenario’s voor de Wtw zijn geanalyseerd:

  1. Geen tot slechts beperkte veranderingen.
  2. Intrekking landelijk verbod op zondagsopening vanuit een beperking van de bevoegdheid van gemeenten.
  3. Intrekking landelijk verbod op zondagsopening, waarbij gemeenten regels mogen opstellen over winkelopeningstijden op zon- en feestdagen.
  4. Toevoeging van gronden waarbij gemeenten verplicht individuele ontheffingen moet verlenen.
  5. Geheel intrekken van de Wtw – gemeenten mogen zelf de openingstijden gaan bepalen, zowel op zon- en feestdagen als op werkdagen.

Ruimere tijden leveren niet iedere winkel meer op

De ruimere mogelijkheden betekenen niet dat winkels ook daadwerkelijk open zijn. 55% van de ondervraagde winkeliers was het afgelopen jaar nooit op zondag open; 21% deed dat wekelijks. Bijna de helft van de winkeliers verwacht bovendien geen hogere omzet door openstelling op zon- en feestdagen. Voor zelfstandige ondernemers kunnen extra openingsuren vooral leiden tot hogere personeels- en bedrijfskosten, terwijl supermarkten en grotere winkelketens vaker aangeven dat zij er omzet mee behalen.

Daar staat tegenover dat zondag voor consumenten een gewone winkeldag is geworden, vooral voor boodschappen en doelgerichte aankopen. Vier op de vijf Nederlanders bezoekt weleens een winkel voor dagelijkse boodschappen op zondag; 65% doet dan weleens een doelgerichte aankoop, bijvoorbeeld bij een tuincentrum of woonwinkel. Een dagje winkelen op zondag doet 38%. Jongere consumenten bezoeken winkels op zondag vaker dan 65-plussers.

Geen landelijke gelijkstelling

Voor winkelgebieden betekent het kabinetsbesluit dat lokale verschillen blijven bestaan. Ondernemers die ruimere tijden willen, blijven aangewezen op hun gemeente en de lokale belangenafweging. Het evaluatierapport concludeert dat er geen breed gedragen roep is om de wet landelijk te herzien. De voorkeur voor behoud van de huidige situatie is de meest genoemde keuze bij gemeenten, winkeliers en inwoners, al zijn de groepen verdeeld.

De onderzoekers zagen wel ruimte om de regels voor feestdagen te versoepelen. Zij adviseerden de verplichte sluiting op onder meer tweede feestdagen, Hemelvaartsdag, 24 december en Goede Vrijdag na 19.00 uur te schrappen. Het kabinet neemt die aanbeveling niet over, omdat dit volgens de minister de gemeentelijke ruimte voor maatwerk zou beperken.

Ook de bescherming tegen verplichte openingstijden blijft ongewijzigd. Sinds 2021 bepaalt artikel 10 dat een eenzijdige wijziging van openingstijden nietig is als de winkelier daar niet uitdrukkelijk mee heeft ingestemd. Het onderzoek vond geen duidelijke aanwijzing dat deze bescherming moet worden aangescherpt: 94% van de winkeliers meldde dat hun openingstijden door de wetswijziging niet veranderden. Het kabinet ziet daarom geen reden om artikel 10 aan te passen.

Bron en meer informatie: Open overheid

twitteryoutubetwitteryoutube
twitterlinkedintwitterlinkedin