Verwikkelingen in een dorp

Shopping Centre NEWS heeft als vestigingsplaats de gemeente Huizen (NH). Hoofdredacteur Edwin Brugman bezocht -hoe kon hij anders- een bijeenkomst van de Stichting Vrienden van het Oude Dorp, waarin de bestaande plannen voor uitbreiding van het winkelapparaat aan de kaak werden gesteld. Een verslag.

Op maandagavond 3 februari hield de stichting Vrienden van het Oude Dorp een zeer druk bezochte bijeenkomst, waarin de toekomst van het dorpscentrum centraal stond. Naast veel inwoners van Huizen (met name inwoners van het oude dorp), waren er ook winkeliers aanwezig en projectontwikkelaar Gert Jan Visser, die samen met Foruminvest een belangrijke grondpositie in het plangebied heeft. Hoewel uitgenodigd was de gemeente Huizen niet officieel vertegenwoordigd, ofschoon er zich wel raadsleden onder de bezoekers bevonden.

De reden dat de stichting deze avond organiseerde, was gelegen in het feit dat er a) al 20 jaar sprake is van ‘het gat van Huizen’ (een stuk grond aan de Keucheniusstraat waar ooit een kaaspakhuis stond en dat door de projectontwikkelaars aangekocht was als onderdeel van het totaalplan voor het nieuwe winkelhart van Huizen) en b) dat men zich afvraagt of de oorspronkelijke uitgangspunten voor het plan (in 2005 dacht men nog aan toevoeging van zo’n 8.600m2 vvo winkels en horeca) nog wel opgaan nu er de afgelopen jaren zo enorm veel in de retail en economie veranderd is.

De avond werd geleid door Simon Dijkstra en een drietal sprekers gaven de aftrap voor deze avond. Allereerst was dat Karel Loeff, architectuurhistoricus. Hij ging vooral op zoek naar het DNA van het dorp Huizen en deed een aantal signaleringen hoe dat in de loop van decennia door verschillende projecten deskundig om zeep gebracht is (‘architectuur van beton en trespa’ en ‘plofkippenarchitectuur bedekt met wat schaamgroen’). Daarnaast is in Huizen -net als in veel andere gemeenten in Nederland- eenvormigheid troef en de architectuur is zo uitwisselbaar met Zaandam of Zoetermeer. Loeff signaleert een totaalgebrek aan samenhang tussen de diverse locaties in de gemeente. Huizen heeft twee belangrijke winkelgebieden: het hoofdcentrum (oude dorp) en winkelcentrum Oostermeent (een tachtiger jaren wijkcentrum midden tussen de nieuwbouwwijken). Maar daarnaast zijn er meer functies die allemaal erg verspreid liggen: het vervoersknooppunt, de leisure (bioscoop, horeca en bibliotheek) op Plein 2000, het nieuwe Havenkwartier (‘de Disneyficering van het thema haven’) waar vooral horeca te vinden is en van recente datum, het hoofdkantoor van LIDL met een drukbezochte supermarkt, die echter wel in de periferie gesitueerd is. Dit alles maakt dat -volgens Loeff- de Huizer burger sterk op de auto is aangewezen om van die verschillende functies en locaties gebruik te maken.

Loeff pleit er voor dat er in Huizen nadrukkelijker gekeken wordt naar oplossingen voor panden en structuren, waarbij het DNA van het dorp (o.a. leuke huisjes met prachtige gevels) bepalend moet zijn. En dat kan, stelt Loeff, verwijzend naar een klein project in de Hilversumse Laanstraat.

Op de vraag van discussieleider Dijkstra of Huizen ‘aangedaan is door de tijd’ klinkt een instemmend geroezemoes uit de zaal.

Gert Jan Slob

Gert Jan Slob van Locatus was de volgende spreker. Locatus heeft in opdracht van de stichting Vrienden van het Oude Dorp onderzoek gedaan naar o.a. de leegstand in het oude dorp, het ontbreken van branches en kansen voor toekomstige invulling. Locatus ziet voor de detailhandel drie belangrijke bedreigingen: het opkomende internet, de vergrijzing en de crisis. Slob relativeert die bedreigingen ook direct. Zo is een belangrijk deel van de verkopen op internet (40%) reisgerelateerd. Slob stelt dat in Nederland de grote steden en de kleine kernen vaak geen problemen ondervinden. Maar hoofdwinkelgebieden -zoals dat van het dorp Huizen- hebben daarentegen wel problemen en last van een toenemende leegstand. Ofschoon die van Huizen minder is dan landelijk gesignaleerd wordt. Volgens Slob is leegstand met name een brancheprobleem: ‘Door bijvoorbeeld technologische ontwikkelingen zijn bijvoorbeeld CD-winkels, boekwinkels en videotheken verdwenen’. Voor het dorp Huizen signaleert Slob geen ‘gekke dingen’ en er is sprake van een bij dit soort kernen passende branchering. Desondanks ziet hij op formuleniveau nog wel hiaten. En Huizen heeft, zo stelt Slob, relatief weinig winkelmeters. Hij tekent daarbij aan dat Huizen zich wel in de invloedssfeer van Hilversum, Almere, Amsterdam en Amersfoort bevindt. En Huizen heeft geen regiofunctie (zo blijkt ook uit het koopstroomonderzoek). Volgens Slob hebben winkelkernen in de categorie als Huizen (hoofdwinkelgebied, dus tussen laken en servet) veel last van koopkrachtafvloeiing. Maar dat maakt deel uit van ‘de nieuwe werkelijkheid’ en is kenmerkend voor ‘het einde aan de groei’.

‘Is daar wat aan te doen?’, zo luidt een vraag uit de zaal. Slob: ‘Met een kwaliteitsimpuls is daar wellicht wat aan te doen, maar niet op dit moment in de tijd. De markt en de toekomst zijn te ongewis om dit nu te willen en te kunnen. Retailers willen op dit moment ook niet veel.’

Carin Frijters

De derde presentatie is van Carin Frijters. Zij is ‘retailinspirator’ en trendwatcher. Frijters toonde een groot aantal beelden van winkels in binnen- en buitenland. Zij liet zien met welke oplossingen retailers bezig zijn. Een daar van was het plaatsen van iPads op de winkelvloer. De consument kon daarop de rest van het (niet in de winkel aanwezige) assortiment zien en bestellen. (Vraagje van uw redacteur: Leidt dit niet tot minder winkelmeters en dus krimp van winkelgebieden? In Huizen is dit al te zien in de verplaatsing van bruin- en witgoedwinkel Scheer & Foppen!)

Frijters sprak over ‘retail 4.0’, over de noodzaak voor wisselende concepten met wisselende invullingen, over enerzijds de ‘versnelling’ en anderzijds de ‘vertraging’ in de retail, met name dan in zoals de consument dat beleeft. Frijters: ‘Internet is snel, maar de consument heeft juist behoefte aan vertraging in antwoord op de keuzestress die hij ondervindt. Daarom zijn er nog steeds kansen voor de stenen winkel.’ Dit komt onder meer tot uiting in de inrichting, waarin tegenwoordig vaak een huiskamersfeer opgeroepen wordt, al of niet in combinatie met beperkte horeca (waarvan ook in Huizen een voorbeeld te vinden is).

Panel-/Zaaldiscussie

Ondernemer Han Landman -ook in de zaal aanwezig- constateert dat de gemiddelde leeftijd van de bezoekers van deze avond vrij hoog ligt (de Stichting Vrienden van het Oude Dorp deelt deze mening niet). Hij denkt dat het DNA van Huizen voor deze mensen vooral een gevoel van nostalgie en ‘terug naar vroeger’ is. Maar Landman stelt dat de plannen voor het nieuwe winkelhart weliswaar moeten beantwoorden aan een maat en schaal passend bij dit dorp, maar dat we nooit terug kunnen naar ‘toen’.

Oud-ondernemer juwelier Meys is ook in de zaal aanwezig en pleit sterk om de geplande uitbreiding van het winkelapparaat te realiseren: ‘Huizen heeft nu nog teveel koopkrachtafvloeiing en dat moeten we terug draaien. (opmerking: de heer Meys refereert daarbij waarschijnlijk aan een onderzoek uit 2007, dus van voor de crisis) De uitbreiding met 8600m2 vvo is daarbij maar ongeveer de helft van wat er eigenlijk nodig is voor een plaats van deze omvang. Voor retailers is interessant dat het gemiddelde inkomen in deze gemeente belangrijk hoger dan het gemiddelde is. Daarnaast worden met de beoogde uitbreiding ruim 200 banen gecreëerd. Ik denk oprecht dat menig winkelketen een vlaggetje op de kaart bij Huizen heeft staan!’

Han Landman meent dat een groot deel van de aanwezigen niet zozeer een probleem heeft met de omvang van het project, als wel met de vorm zoals die er nu ligt. ‘Als het project opnieuw getekend wordt naar de maat en schaal van dit dorp, dan denk ik dat er wel draagvlak onder de bevolking is.’ Welke stelling met een luid applaus uit de zaal ondersteund werd.

Voorzitter Gertjan De Lange (modezaak De Lange) van winkeliersvereniging Hart van Huizen denkt dat er nog steeds ruimte is om winkelmeters bij te bouwen, maar ‘we moeten dan wel kiezen voor authenticiteit, een manier die past bij de maat en schaal van het dorp.’

Uit het publiek komt de vraag waarom de gemeente Huizen de ontwikkelaar(s) niet uitkoopt. ‘Het lijkt wel of de ontwikkelaar de gemeente met dit project in gijzeling houdt’

Waarop geen formeel antwoord kan komen, omdat de gemeente deze avond niet aanwezig is….

Nienke de Wit, voorzitter van de stichting Vrienden van het Oude Dorp:

‘De stichting vindt het belangrijk te constateren dat er een totaalvisie voor wat het dorp moet zijn, ontbreekt. Er is geen visie op toerisme, bereikbaarheid, winkelen, wonen, enzovoort. ‘

Vanuit de zaal stelt men hierop voor om tot een betere dialoog met de gemeente te komen, bijvoorbeeld door het formeren van een denktank.

Tot besluit van de avond neemt de bij het project betrokken ontwikkelaar Gert Jan Visser van Visser Bouwmaatschappij het woord. ‘Als ontwikkelaar, maar ook als lid van deze stichting en als Huizer’ zo zegt hij zelf. Hij vraagt zich hardop af ‘wat we de afgelopen decennia met het oude dorp hebben laten gebeuren’ en geeft aan graag in overleg te willen treden met de bewoners van het dorp. ‘Eigenlijk hadden we als ontwikkelaars hiertoe zelf al het initiatief moeten nemen en zo moeten uitvinden wat er leeft in Huizen.’

Hoe verder?

Het dossier van deze beoogde herontwikkeling en uitbreiding van het winkelgebied in het oude dorp is inmiddels immens. Niet gek, want al in 1994 is de gemeente met de planvorming begonnen. Ooit waren Rodamco (belegger) en Multi Vastgoed (ontwikkelaar) ook op het project aangesloten, inmiddels niet meer. In de plannen hebben ontwikkelaar Foruminvest en Visser Bouwmaatschappij grondposities.

Maar op een of andere manier zit de boel op slot, wat al tot vele vragen in de gemeenteraad heeft geleid. Ontwikkelaars en gemeenten hebben in de loop der jaren ook met regelmaat gediscussieerd over de invulling en aanpassing van het plan, maar de ontwikkelaars gaven aan dat de gemeente dan bereid moest zijn tot verdergaande investeringen. Dat paste echter niet binnen de kaders die de gemeente had vastgesteld. Daarnaast bleken ook de ontwikkelaars niet op één lijn te zitten en gaf de eigenaar van een aantal bestaande panden aan ook niet mee te willen werken aan de herontwikkeling. Een complicerende factor is verder dat de ontwikkelingsovereenkomst uit 2005 geen ruimte biedt om op basis van ontwikkelingen in maatschappelijk/economische omstandigheden ontbonden te worden. Zou een van de betrokken partijen dit proberen, dan leidt dat waarschijnlijk tot torenhoge schadeclaims. Mede om deze patstelling te doorbreken en vooral ook om tot een realistisch nieuw plan te komen, heeft de stichting Vrienden van het Oude Dorp met deze bijeenkomst een kataliserende impuls willen geven om er samen net bevolking, gemeente en ontwikkelaars uit te komen. Het doel: iets moois, maar vooral iets wat bij Huizen past.

Reacties aan info@scnews.nl

twitterlinkedintwitterlinkedin
twitteryoutubeflickrtwitteryoutubeflickr